De auto werd vlakbij de "Bright Angel Lodge" neergezet, we konden daar gemakkelijk een parkeerplaats vinden. De Grand Canyon gids werd in de auto achtergelaten, het was opgehouden met regenen. Klokslag kwart voor 8 vonden we de start van de Bright Angel Trail, we waren er klaar voor. Deze wandelroute heeft een totale lengte van 20 km. Als gemiddelde wandeltijd is hiervoor 8 uur aangegeven. Martin had zijn korte broek aan, en ik liep in spijkerbroek. Het was zo'n 19 graden warm toen we de eerste stappen in de Grand Canyon plaatsten. Foto en video-materiaal zat in de rugzak.
De Bright Angel Trail. Al direct werd duidelijk dat dit geen gewone wandeling was. Over elke voetstap moest je wel nadenken, soms ging het behoorlijk steil naar beneden. En de vele vele rotsblokken en oneffenheden zorgden er wel voor dat je bleef kijken waar je je voeten deed neerzetten. De wandeltokken, welke we bij ons hadden voldeden prima. Een goede steun, vooral op plaatsen waar je gemakkelijk je voeten kon verzwikken. En regelmatig raakten we wel op een of andere manier in onbalans, wat weer een extra belasting was voor de knieen van Martin.
Na 10 minuten dalen werd onze wandeling een halt toegeroepen. Moeder hert, met haar jong, kwam plotseling ergens uit het struikgewas, dat tegen de steile hellingen groeide, tevoorschijn. De twee dieren waren blijkbaar even verwonderd over deze ontmoeting als wij. We kregen zelfs de gelegenheid geboden om de rugzak af te doen, de foto- en video-camera eruit te halen, en een aantal foto's en een paar seconden film te maken. Toen verdwenen de "mule-deer", en konden wij onze wandeling naar benenden voortzetten. Chipmunks en een blauwe Jay waren getuige van onze afdaling.
Op onze tocht moesten we nog een tunnel (zo maar 2 meter) door. Op onze weg naar beneden werden we gepasseerd door meerdere jonge mensen, en door 2 Fransen (vader en zoon). De grootste halve gare welke ons voorbij ging was een dikke jongeman, 120 kilo of meer, die ons rennend voorbijging. Hij wou in een record tijd beneden zijn. Ook kwamen er al mensen omhoog uit de canyon. Die hadden in de canyon de nacht doorgebracht. Nagenoeg allemaal waren ze jonger dan 20 jaar, en haast allen hadden een verdwaasde blik in hun ogen. Die verdwaasde uitdrukking op hun gezicht begrepen we pas toe wij zelf met de terugtocht bezig waren.
Een pracht van een wandeling omlaag. Ergens halverwege waren een aantal rangers aan het pad aan het werken, met pneumatisch gereedschap, een houweel en een schop. Hun muilezels stonden iets verderop geparkeerd. Er ston veel water op de plaatsen waar zogenaamde traptreden in het pad waren aangebracht. Het pad was breed genoeg om elkaar te passeren, er was nergens een afzetting voor veiligheid aangebracht. Dit was ook niet nodig, het pad was steil, maar liep nergens langs ravijnen of steile rotsen. Na een fantastische inspannende wandeling bereikten we om kwart over 10, Indian Garden, een oase in de Grand Canyon. Onderweg hadden we een paar stops ingelast.
Lang bleven we niet in Indian Garden. Na wat water te hebben aangevuld, vertrokken we naar onze eindbestemming van deze dag, "Plateau Point". Een fluitje van een cent. Dit deel van de wandeling gaat geheel door open terrein, en gaat flauw naar beneden. Om 11 uur arriveerden we aan Plateau Point. Hier was wel een afrastering aangebracht. Je kon zo op de Colorado neerkijken, welke zo'n 420 meter lager door de canyon stroomde. En hier liep het wel steil naar beneden. Wat hier storend was, was het lawaai dat een aantal andere toeristen (Hollanders) maakten. We waren daar niet alleen, zo'n 10 anderen hadden ook de tocht tot Plateau Point gemaakt.
Er was tijd genoeg voor foto en video. Ik raapte een stukje steen op en stak het in mijn rugzak. Zo, die was voor mijn kleinzoon. Hij zou, als hij groot en oud genoeg zou zijn, dit stukje steen op die plaast moeten terugbrengen. En hij zou zijn zus mogen menemen. Een groep toeristen arriveerden per muilezel bij Plateau Point. Dat was het sein voor ons aan de terugtocht te beginnen. De temperatuur was intussen behoorlijk gestegen. Er was geen spoor van regen te bekennen. De wandeling terug naar Indian Garden duurde even lang als de heentocht, 30 minuten. We kwamen een Chinees op deze terugtocht tegen. De man droeg een zonnen-paraplu, om zich op deze manier tegen de brandende zon te beschermen. Niet eens zo'n gek idee.
Terug in Indian Garden, waar voldoende schaduw en verkoeling te vinden was, waren we om kwart voor 12. Er liep zelfs een beek door deze rustplaats, met heerlijk koel water (niet voor consumptie). De meegebrachte lunch smaakte absoluut niet, maar werd wel geheel opgegeten. Ook in Indian Garden hadden we meer tijd voor foto's en video. Jammer dat de cactussen uitgebloeid waren. Het vertrek uit Indian Garden van een groep "muildier" toeristen was voor ons ook het sein aan de enerverende klim terug naar de South Rim te beginnen. Het was intussen kwart over twaalf, en de termometer stond op 100 graden Fahrenheit.(38 gr.C). Onze watervoorraad was aangevuld, er kon ons niets gebeuren.
Het aantal stops, dat op deze terugtocht werd ingelast was veel hoger, dan bij de afdalen. Ook de tijdsduur van de stops was aanzienlijk toegenomen. Tijdens deze terugtocht maakten we een paar fouten. Fout 1 was, we begonnen de terugtocht in een te hoog tempo. Als na een paar honderd meter klimmen kwam de man met de hamer ons tegemoet, het leek wel alsof we elk moment flauw konden vallen. En daar was het pad te gevaarlijk voor. Fout 2 was, we hadden te weinig eten voor de terugtocht. Want bij het vele drinken hoorde ook veel eten. Wij konden eigenlijk niet veel drinken, daarvoor hadden we te weinig zoet eten bij ons. En fout nummer 3 was het tijdstip van de terugtocht. Het was veel beter geweest pas na 3 uur omhoog te gaan, dan zou er meer schaduw geweest zijn, en zou de temperatuur minder hoog zijn geweest.
De verdwaasde blik in onze ogen kwam spontaan en vanzelf, net als die in de ogen van de mensen die we s'morgens hadden zien omhoog komen. Toch bleef de flair aanwezig om passerende mensen goeie dag te wensen. Ruim 5 uur en een kwartier later kwamen we uitgeput maar voldaan aan op de plaats waar we s'morgens waren vertrokken. Bright Angel Lodge. Een Nederlands echtpaar was ons, op de terugtocht, op twee derde van de top, voorbij gegaan, en zou boven wachten om ons op de foto te zetten. En inderdaad, ze zaten ons op te wachten. Ruim een kwartier later dan hun kwamen wij boven. Toch niet slecht voor mensen van onze leeftijd. We kregen een spontaan applaus, en de foto van Paas en Paas werd gemaakt. Wie die Nederlanders waren? Zomaar een jong stel vakantiegangers, die net als wij, inde Grand Canyon hadden gewandeld.
Die avond was de fut eruit. Martin was kapot, had een stijve nek, was verbrand, en had kapotte knieen. Ik had nog wat puf over, maar niet genoeg om alleen terug te keren naar de South Rim, om daar de zonsondergang te bekijken. Hetzelfde fast-food restaurant werd bezocht voor een heerlijke warme maaltijd. Big Mac met sla en frietjes. Hooguit 15 mijl hadden we met de auto gereden, heen en terug van Tusayan naar El Tovar, aan de South Rim of the Magnificent Grand Canyon.